Sneeuw en andere rare zaken voor een Thaise vrouw

“Het sneeuwt, het sneeuwt”, klonk het van de week weer door het huis. Na al die jaren is ze er nog steeds niet aan gewend, aan die witte vlokken. Maar er zijn nog veel meer rare zaken voor een Thaise vrouw in Nederland.

Mijn vrouw heeft best veel geluk, wat sneeuw betreft. Ik kan me nog herinneren dat we jaren zonder een maagdelijke witte deken moesten stellen. We hebben een zeeklimaat, zo vaak valt er geen sneeuw in Nederland. Maar dat gelooft mijn vrouw ondertussen niet meer, want sinds zij is geland in de Lage Landen is er geen winter voorbij gegaan zonder sneeuw. Bakken sneeuw zelfs.

Sneeuw, sneeuw en nog eens sneeuw

We vlogen boven Duitsland, het was helder. Mijn vrouw keek naar de witte wereld beneden, ze zat zich al te verkneukelen om door de sneeuw te lopen. Enigszins bezorgd keek ze toe hoe de wereld onder haar naar mate we Schiphol naderen grijze plekken beginnen te vertonen. “Meren”, stel ik haar gerust. Later liep ze klappertandend over Schiphol. Verrukt en verkleumd tegelijkertijd.

Een jaar later kwam de sneeuw met bakken naar beneden. Dertig centimeter viel er. Totale verkeerschaos, Nederland kwam piepend en krakend tot stilstand. Het ging allemaal voorbij aan mijn vrouw. Die liep te dansen in een Witte Wonder Wereld. Ze maakte foto’s die ze naar vriendinnen stuurde. Die waren stikjaloers op haar. Ze vergat er wel bij te vertellen dat het -11 was, en dat ze de deur niet meer uit durfde. Want haar oren begonnen al te tintelen bij de voordeur. En ze had bloed gevonden in haar neus.

Nog meer rare zaken: avondlicht

Op een avond, het was net na 10 uur geweest, zaten wat tv te kijken. Mijn vrouw was een week of zes in Nederland. Toen nog op een toeristenvisum. Om mij en het land uit te proberen. Het is zomer in Nederland, nog 18 graden, maar mijn vrouw ligt onder een dekentje. Ze heeft het koud. Ineens veert ze op. Ze schuift de lamellen opzij, kijkt naar de klok en werp nog eens een keer een verbaasde blik naar buiten. “Wat is er?”, vraag ik. “Het is tien uur in de avond en het is buiten nog steeds licht”, zegt ze verbaasd. “Hoe kan dat?”

Zondagsrust

Op een zondagochtend, we zijn vroeg wakker, kleedt mijn vrouw zich na het douchen aan. Ze doet haar haren en make up op. Ze pakt een paar boodschappentassen en trekt haar schoenen aan. Wanneer ze naar haar portemonnee grijpt vraag ik haar “waar ga je naar toe?”. “Boodschappen doen,” is het enigszins verbouwereerde antwoord. Waarom wil haar man ineens weten wat ze gaat doen? “Het is zondag”, zeg ik simpel. “Ja…en?”, is haar evenzo simpele respons.

“De winkels zijn gesloten op zondag”. Haar gezicht vertrekt en wordt een compleet vraagteken. “Waarom?” brengt ze er na enkele momenten uit. En ik dan uitleggen dat zondag de rustdag is voor Christenen, want God heeft de wereld in zeven dagen geschapen… Hoofdschuddend loopt ze weg. “Mensen moeten toch boodschappen kunnen doen”, is haar verweer.

Rechts rijden

In Thailand rijden ze links. Waarom? Zijn ze ooit gekoloniseerd door de Engelsen? Nee. Maar ze wilden eind 19de eeuw modern overkomen en dat was volgens Koning Rama V zoals de Britten leefden. Hoe dan ook, ze rijden er aan de verkeerde kant van de weg. Voor ons tenminste. Een Thai ziet dat anders. De rest van de wereld is zo dom om rechts te rijden. Waarom doen ze dat? Om de Thai het lastig te maken? Moeten we ineens bij het oversteken eerst links kijken in plaats van rechts. Erg lastig.

En zo zijn er talloze andere zaken op te noemen. Bijvoorbeeld op een bepaalde tijd eten. Een Thai eet wanneer die honger heeft, en niet om zes uur ’s avonds. Bladeren die van de boom vallen. “Zijn ze ziek?” Mensen die niet lachen, terwijl iedereen dat in Thailand doet. Regen, zon, wind, sneeuw allemaal op een dag. Om gek van te worden, toch?

Geef een reactie