Tagarchief: Koppelen

Koppelen, Thaise volksport nummer twee

Koppelen Een man alleen. Wacht even, dat kan niet. De telefoon wordt gepakt en het hele netwerk wordt ingeschakeld tot er een geschikte kandidaat wordt gevonden. Koppelen: bijna alle Thaise vrouwen doen het.

Al verschillende malen heb ik dat koppelen van dichtbij mogen meemaken. Er is gekoppeld om mij aan de vrouw te helpen. Ik heb ook gezien hoe andere mannen aan een vrouw werden gebracht. En het gaat net iets verder als een soort hobby. Er lijkt ook een soort verplichting achter te zitten.

“Heb je honger?”

De eerste keer dat ik Bangkok was kreeg ik meteen met dit fenomeen te maken. Ik kwam net uit een langdurige relatie en was aan het genieten van mijn nieuw verworven vrijheid. Mijn vriend waarmee ik toen door Indochina rondtrok had een Thaise vriendin. Toen we tussen onze uitstapjes door naar de buurlanden weer eens een paar dagen in Bangkok waren, begon zij werk van mij te maken. Er werd een paar minuten druk gebeld. Twintig minuten later stelde een vrouw van rond de 20 zich aan mij voor. Haar naam heb ik nooit gehoord, want ik was danig ontsteld over haar lelijkheid.

“Heb je honger?” vroeg ze. We waren net terug van een overvloedig maal bij sushirestaurant Fuji’s, dus ik schudde mijn hoofd. Even keek ze teleurgesteld, praatte nog wat met de Thaise vriendin van mijn vriend, en verdween weer. Later kreeg ik te horen dat Thai nooit direct vragen of je misschien iets wil gaan drinken. Als je geïnteresseerd bent, dan heb je dus honger. Ook als je net je laatste noedels naar binnen zuigt. Ik gaf per ongeluk het juiste antwoord.

Gebonden of ongebonden

Later ontmoette ik mijn huidige vrouw en toen kreeg mijn vriend de volle laag. We mochten komen eten in de massagesalon waar mijn vrouw werkte. Oe, een vriendin van mijn vrouw, was al een tijdje alleen. Dat werd dus koppelen!  Mijn vriend werd de hele avond naast Oe geplaatst, die aan zijn voeten lag. Ze sprak nauwelijks Engels, desondanks lachte ze om al zijn grapjes en gekkigheden. Dat mijn vriend al een vriendin had, leek mijn vrouw en Oe nauwelijks ook maar iets te interesseren.

Mijn vriend en ik hadden bij Robinson twee flessen rode wijn gehaald, en de dames waren nu flink aangeschoten. Er werd niet meer gewerkt. Oe was ook aardig dronken. Normaal is het een introvert typetje, maar vanavond niet. Ze werd zelfs enigszins handtastelijk. Net toen ik dacht dat het mijn vrouw en Oe ging lukken, ging de telefoon van mijn vriend. Zijn vriendin. Saved by the bell.

Oe moet aan de man. Koppelen!

Vlak daarna sloeg Oe een Japanse zakenman aan de haak, die in Tokio vrouw en kinderen had, maar ook een liefje in Bangkok wilde hebben. Hij zorgde goed voor Oe, zo goed zelfs dat ze kon stoppen met werken. Ze is erg gelovig en de vrije tijd die ze had bracht ze door in verschillende Boeddhistische Tempels. Toen werd de echtgenote van de zakenman ernstig ziek. Zijn reizen naar Bangkok stopte abrupt en zo ook de relatie met Oe. Ze was weer alleen.

Zuchtend slaat mijn vrouw haar laptop dicht. Glimlachend vraag ik wat er aan de hand is, maar ik weet het antwoord al. Ze heeft net anderhalf uur met Oe geskyped, en haar vriendin heeft haar het vuur aan de schenen gelegd. “Wanneer vind je eens een leuke Nederlandse man voor mij?” was de klagelijke vraag. Ik gooi nog wat olie op het vuur. “Ja, dat duurt wel lang lief. Je moet wat beter koppelen”. Als blikken konden doden, zat ik dit nu niet te schrijven.

Het is dus niet alleen een hobby, maar blijkbaar ook een verplichting. Eentje waaronder vriendschappen gebukt gaan.